het lichaam weet eerst | essay #002
Op een zonnige ochtend in maart schrik ik me achter het stuur van mijn wagen een hoedje. Sven Ornelis komt net op Joe FM vertellen dat we dagelijks ongeveer vijfendertigduizend beslissingen nemen.
Als je een gemiddelde nacht even niet meetelt, komt dat neer op een beslissing ruim elke anderhalve seconde. Alleen al over eten en drinken maken we dagelijks een tweehonderdtal keuzes, waarvan we er maar hoogstens een vijftiental bewust opmerken.
Het komt erop neer dat ons lichaam voortdurend keuzes maakt zonder het minste overleg. Van negenennegentig procent van die keuzes zijn we ons niet eens bewust. Terwijl ik dit herlees, merk ik plots op dat ik al enige tijd met samengevouwen handen de duim van mijn rechterhand cirkels laat maken over de muis van mijn linkerhand. Geen idee waarom.
We worden ons er wel van bewust als het systeem begint te haperen. Als we lijden onder beslissingsmoeheid en zelfs niet kunnen kiezen welke Netflixserie als volgende voor de bijl gaat. Het zijn blijkbaar niet de grote keuzes die beslissingsmoeheid veroorzaken, maar de eindeloze stroom aan kleine onzichtbare beslissingen.
In de darmen bevinden zich zo'n vijfhonderdmiljoen zenuwcellen. De wetenschap noemt dit het enterische zenuwstelsel, ook wel ons tweede brein genoemd. Dit zenuwstelsel reageert bliksemsnel, sneller dan ons bewuste denken, en maakt het grootste deel van onze serotonine aan. De term buikgevoel blijkt dus niet uit de lucht gegrepen.
Een persoonlijk voorbeeld van mijn lichaam dat een keuze maakte betreft het zeventig jaar oude huis waar ik in woon. Vanaf het moment dat ik erin rondliep, voelde ik me thuis. Een keuze van het lichaam, waarvan het verstand achteraf de gevolgen draagt.
Maar het lichaam is niet onfeilbaar. Het draagt oude wonden en gewoontes met zich mee. Het is een instrument dat zorg en aandacht vraagt. Met een beschadigde stemvork wordt het moeilijk om de juiste toonhoogte te vinden.
Wie jarenlang de signalen van het lichaam negeert, krijgt uiteindelijk een lichaam dat steeds luider om aandacht schreeuwt. Het lichaam is geduldig, maar kent zijn grenzen. Zestig biljoen cellen werken samen, geleid door een zenuwstelsel dat voelt nog voordat er een gedachte is gevormd. Dit is het instrument waarmee wij de wereld vormgeven.
Vandaag de dag is de vraag niet of we beter naar ons lichaam moeten luisteren, maar of we het überhaupt nog kunnen horen.
J. Vansteelant